Patiënteninformatie
Endometriumablatie
Met de Cerene
U heeft heftige menstruaties en u wilt geen kinderen meer. U en uw arts denken aan een behandeling met de Cerene. Op deze pagina leest u wat deze behandeling is, hoe u zich voorbereidt en wat u erna kunt verwachten.
01
Wat is een endometriumablatie?
De binnenkant van de baarmoeder is bekleed met slijmvlies (endometrium). Bij een endometriumablatie maakt de arts dit slijmvlies kapot. Daardoor verliest u minder bloed bij de menstruatie.
Bij Femmecare gebeurt dit met de Cerene. Dat is een dun apparaatje met een zachte ballon. De ballon bevriest het slijmvlies met een koelmiddel.
Het doel is dat uw menstruaties weer normaal worden. Het doel is niet dat u helemaal niet meer menstrueert; dat kan wel gebeuren.
Bij Femmecare: met plaatselijke verdoving
Femmecare doet de behandeling op de polikliniek, met een plaatselijke verdoving. U krijgt geen roesje (sedatie) en geen narcose. Wilt u liever een roesje of narcose? Dan verwijzen wij u naar een ziekenhuis.
02
Voor wie is de behandeling?
De behandeling is voor vrouwen:
- die heftige menstruaties hebben, zonder dat daar een kwaadaardige oorzaak voor is
- die geen kinderen meer willen
- bij wie medicijnen niet helpen, niet mogen of niet goed verdragen worden, of die geen medicijnen willen
03
Wanneer kan het niet?
De arts kijkt of de behandeling bij u kan. Het kan niet als:
- u zwanger bent, of nog zwanger wilt worden
- er een afwijking of kanker in het baarmoederslijmvlies is, of als de arts dat vermoedt
- u een ontsteking heeft van de geslachtsorganen, de blaas of de onderbuik
- de baarmoeder te groot of te klein is voor het apparaat
- u vleesbomen (myomen) heeft in de holte van de baarmoeder, of grote vleesbomen die de holte vervormen
- u eerder een operatie aan de baarmoeder had, zoals het weghalen van een vleesboom, of een keizersnede waarna de baarmoederwand dun is
- u al eerder een endometriumablatie had
- u adenomyose heeft die de arts op de echo ziet: slijmvlies dat in de spier van de baarmoeder groeit
- uw bloed niet goed stolt
- u minder dan zes maanden geleden bevallen bent
Heeft u een spiraal? Dan moet die er eerst uit. Spreek met de arts af welke anticonceptie u daarna gebruikt.
04
Wat kunt u verwachten?
In een onderzoek kregen 242 vrouwen een behandeling met de Cerene. Dit waren de resultaten na één jaar:
| Resultaat | Hoe vaak? |
|---|---|
| Veel minder bloedverlies | 77 van de 100 vrouwen |
| Geen menstruatie meer | 10 van de 100 vrouwen |
| Een lichte menstruatie | 44 van de 100 vrouwen |
| Een normale menstruatie | 27 van de 100 vrouwen |
| Tevreden of heel tevreden | 90 van de 100 vrouwen |
| Heftige pijn bij de menstruatie | Vóór de behandeling ruim 40 van de 100 vrouwen, na één jaar 6 van de 100 |
Ongeveer 3 van de 100 vrouwen lieten binnen drie jaar toch de baarmoeder weghalen, omdat ze nog steeds veel bloed verloren. Het volle effect ziet u pas na drie tot zes maanden.
05
Voor de behandeling
Onderzoek vooraf
- De arts doet een inwendig onderzoek en een inwendige echo
- Soms haalt de arts eerst een klein stukje slijmvlies weg voor onderzoek (biopt). Dat moet vóór de behandeling; daarna lukt het vaak niet meer
- Soms is ook een uitstrijkje nodig. Is de uitslag niet goed? Dan wordt dat eerst behandeld
- Twijfelt de arts of er iets in de baarmoeder zit, zoals een poliep? Dan kijkt de arts eerst met een echo met vloeistof (SIS) of met een camera (hysteroscopie)
Bedenktijd
Na het gesprek met de arts heeft u minimaal 24 uur bedenktijd. Pas daarna geeft u toestemming voor de behandeling.
Anticonceptie
Na de behandeling kunt u nog zwanger worden. Een zwangerschap is dan gevaarlijk voor u en voor het kind. Gebruik daarom betrouwbare anticonceptie tot de overgang. Een spiraal kan niet. De arts bespreekt met u welke anticonceptie u gebruikt.
Het moment van de behandeling
De behandeling gebeurt kort na uw menstruatie. Of de arts geeft u eerst hormonen, zoals een progestageen of de pil. Dan is het slijmvlies dun genoeg.
Op de dag van de behandeling
- U mag gewoon eten
- Neem iemand mee die u naar huis kan rijden
- U bent ongeveer een uur in de kliniek
- Neem thuis, vóór u naar de kliniek komt, paracetamol. Mag u een ontstekingsremmende pijnstiller gebruiken? Neem die dan ook. De arts bespreekt vooraf met u of dat mag en in welke hoeveelheid
- Is er een kans dat u zwanger bent, bijvoorbeeld door seks zonder anticonceptie? Dan doet u eerst een zwangerschapstest
06
Hoe gaat de behandeling?
Bij de behandeling zijn twee medewerkers: de arts en een assistente. De assistente blijft bij u en stelt u gerust.
- De arts brengt een spreider (speculum) in de vagina
- De arts verdooft de baarmoedermond met prikjes op vier plekken
- De arts houdt de baarmoedermond vast met een tangetje
- De arts meet hoe lang de baarmoeder is
- De arts maakt de opening van de baarmoedermond iets wijder
- De arts brengt de Cerene in de baarmoeder. De ballon gaat open en het apparaat test of alles goed zit
- Het apparaat bevriest het slijmvlies. Dat duurt tweeënhalve minuut
- Daarna haalt de arts de Cerene eruit. Soms moet de arts een paar minuten wachten tot het weefsel ontdooid is
07
Doet het pijn?
In het onderzoek gaf de helft van de vrouwen de pijn tijdens de behandeling een 2 of lager, op een schaal van 0 tot 10.
Wordt de pijn te erg? Zeg het. Als het nog kan, stopt de arts. U krijgt dan een verwijzing naar een ziekenhuis, voor de behandeling onder narcose.
08
Na de behandeling
Na de behandeling blijft u minimaal vijftien minuten bij ons. In het onderzoek gingen vrouwen gemiddeld na een half uur naar huis. U krijgt pijnstilling en maandverband mee, en de informatie Na uw poliklinische ingreep.
Wat is normaal?
- Krampende buikpijn, één tot twee dagen. Hiervoor mag u pijnstillers gebruiken
- Waterige of bloederige afscheiding, drie tot zes weken
Contact en controle
- De dag na de behandeling belt de doktersassistente u. Zij vraagt hoe het met de pijn gaat
- Na drie maanden heeft u een telefonisch gesprek met de arts
09
Risico’s
In het onderzoek met 242 vrouwen waren er geen ernstige problemen door het apparaat of de behandeling. Bij 12 van de 100 vrouwen was er een lichte of matige klacht, zoals krampen, pijn in de onderbuik, afscheiding of een ontsteking.
Mogelijke complicaties zijn:
- Flauwvallen
- Een verkeerde weg bij het wijder maken van de baarmoedermond. Soms kan de behandeling dan niet doorgaan
- Een gaatje in de baarmoederwand (perforatie). Soms is dan een operatie nodig; daarvoor verwijzen wij u naar het ziekenhuis
- Een scheurtje in de baarmoedermond. Dit wordt meestal gehecht
- Een ontsteking van de vagina of van het slijmvlies van de baarmoeder
- Bloed dat zich ophoopt in de baarmoeder (hematometra)
- Een zwangerschap na de behandeling. Daarbij is de kans op problemen veel groter, zoals een miskraam, een te vroege geboorte of problemen met de placenta. Gebruik daarom betrouwbare anticonceptie tot de overgang
10
Wanneer neemt u contact op?
Bel Femmecare tijdens openingstijden: 043 700 9773
Neem direct contact op als u last heeft van:
- Tekenen van een ontsteking, bijvoorbeeld koorts boven 38,0 °C
- Buikpijn die erger wordt en niet weggaat met pijnstillers
- Hevig bloedverlies, of bloedverlies dat lang duurt
- Ongerustheid
Buiten openingstijden, alleen bij spoed: 043 204 1820
Bel het dienstnummer ’s avonds, in het weekend of op feestdagen alleen bij klachten die niet kunnen wachten tot de volgende werkdag, zoals:
- Hevig bloedverlies, meer dan één maandverband per half uur
- Toenemende of stekende buikpijn ondanks pijnstilling
- Koorts hoger dan 38,0 °C
- Flauwvallen of extreme duizeligheid
Bij levensgevaar: bel direct 112
- Hevig bloedverlies in combinatie met flauwvallen
- Aanhoudend bewustzijnsverlies
- Ademhalingsproblemen, hevige pijn op de borst of andere acute klachten